Een langere periode was ontruiming bij een huurachterstand duidelijk. Is er een huurachterstand van meer dan drie maanden? Dan wordt een ontruimingsverzoek normaliter toegewezen. Dit beleid binnen de rechtspraak resulteerde erin dat voor huurders en verhuurders duidelijkheid ontstond. De laatste jaren is, vooral bij ontruimingen van woonruimtes, deze toets echter complexer geworden.
Zo vereisen meerdere rechtbanken dat van de wanbetaling melding wordt gemaakt bij de gemeente, zodat de gemeente schuldhulpverlening kan aanbieden. Gebeurt dit niet door de verhuurder, dan kan de kantonrechter om deze reden de ontruiming afwijzen.
Een andere, recentere trend, ziet op minderjarige kinderen. Indien minderjarige kinderen woonachtig zijn in de huurwoning, moet de rechter het belang van die kinderen ‘zwaarwegend meewegen’. Bij de belangenafweging gaat het dus niet meer alleen om een afweging van de belangen van de huurder en verhuurder. De kinderen van huurder worden daarbij meegenomen en hun belangen wegen zwaar. Het is zeer verstandig om bij een ontruiming hier rekening mee te houden als er kinderen in het spel zijn. Als bijvoorbeeld aannemelijk is dat de kinderen elders een (tijdelijk) onderkomen kunnen vinden, is de kans dat de ontruiming bij wanbetaling wordt toegewezen een stuk groter. Bijvoorbeeld indien het gaat om gescheiden ouders en de kinderen tijdelijk kunnen inwonen bij de andere ouder.
Het is sowieso belangrijk hierop voorbereid te zijn, want de rechter moet altijd toetsen of de belangen van het kind in het gedrang komen. (bron uit de rechtspraak: Hoge Raad 28 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1799).